|
Blijvende dankbaarheid van ons volk |
|
Saturday 10 December 2011 |
|
President Raúl Castro Ruz was in Trinidad en Tobago op 7 december voor een eerste officieel bezoek aan de Caribische zusternatie
Port of Spain, 8 december 2011 door Yaima Poig Meneses voor Granma.Bij aankomst op het vliegveld werden hij en zijn delegatie ontvangen door Kamla Persard-Bissessar, Eerste (vrouwelijke) Minister en Surujrattan Rambachan, minister van buitenlandse zaken. Het was in de stromende regen, waarop Raúl in zijn gebruikelijke oprechtheid glimlachend opmerkte: ‘Regen is welkom, droogte is slecht nieuws’. Na te zijn voorgesteld aan de gemeenschappelijke Chef van Defensie wandelde de groep naar het officiële ontvangstplatform en een muziekband speelde beide volksliederen. Vervolgens maakte het konvooi de 26 kilometer tocht naar het Kapok Hotel, dicht bij het centrum van de hoofdstad. Geen moment stopte de regen en bij het naderen van de city verschenen de bescheiden kleurige huisjes op de heuvelhellingen, de afwisseling van moderne gebouwen met groepen woningen die met riet bedekt waren tegen de regen. Trinidad en Tobago zijn twee eilanden, dicht bij Venezuela, die één Caribische natie vormen met diverse geschiedenis. Trinidad werd in 1498 bij zijn derde reis naar Amerika door Columbus ‘ontdekt’; Tobago werd bewoond door Caribische Indianen tot de komst van Hollanders in 1632. Zoals het was met andere kolonies in de regio waren beide eilanden het toneel van invasies door Nederland, Frankrijk en Engeland, tot zij in 1802 toegekend werden aan Engeland. Na een geleidelijk proces van beperkte autonomie kregen zij onafhankelijkheid in augustus 1962.De nationale economie was oorspronkelijk suiker, maar werd langzamerhand vervangen door olie die van belang werd in 1940. Gelegen in het Zuiden van de Caribische zee omvatten Trinidad en Tobago zo’n 5000 vierkante kilometer en een bevolking van 1,33 miljoen met Engels als officiële taal; Frans, Spaans, Creools, Hindi en Chinees zijn eveneens erkend. In de middag werden de Cubaanse president en zijn delegatie ontvangen door President George Maxwell Richards in zijn residentie. Voor de formele gesprekken tekende Raúl het gastenboek en schreef: ‘Ik breng Trinidad en Tobago, samen met broederlijke groeten van het Cubaanse volk , onze blijvende dank voor de volledige relaties, 39 jaar geleden aangegaan, samen met Jamaica, Barbados en Guyana. In 1972 werd besloten tot diplomatieke banden met Cuba, ondanks afkeuring van de Verenigde Staten en de Organisatie van Amerikaanse Staten.’ De Cubaanse president dankte voor deze politieke keuze, waarvan hij zei dat dit gebaar voor Cuba een bijdrage van onschatbare waarde was geweest. Hij herinnerde dat vanaf de 1ste Cuba-Caricom dag op 8 december 2002 in Havana dit feit ieder jaar herdacht wordt als erkenning van de moed van deze naties; het opende de weg voor de overige Caribische landen om banden van vriendschap en coöperatie met Cuba aan te gaan. Op het officiële diner ’s avonds benadrukte Raúl dat hij zou blijven strijden met alle Caribische staten om vriendschap en integratie van hun relaties te consolideren. Integratie is ook het voornaamste agendapunt van de 4de Caricom-Cuba Top, die de volgende dag gehouden werd; speciaal in deze tijd van mondiale economische crisis, die voor de eilanden een onvoorziene impact heeft |
|
Laatst bijgewerkt op ( Thursday 19 April 2012 )
|