|
Wednesday 05 August 2009 |
Raúl Castro tot het Cubaanse parlement - Na een opsomming van interne problemen en ontwikkelingen en de maatregelen tegen de gevolgen van de mondiale crisis volgen hier delen van zijn speech over externe relaties en over Cuba’s toekomst
HAVANA, 1 augustus 2009 . . . . . . . Wij hebben de houding van de nieuwe VS regering jegens onze natie aandachtig gevolgd. Als we ons strikt aan de feiten houden blijft de economische, commerciële en financiële blokkade in stand en volledig gehandhaafd, gezien de vervolging van onze transacties met derde landen en de groeiende boetes tegen VS bedrijven en hun buitenlandse dochtermaatschappijen. Ook blijft Cuba ten onrechte vermeld op de lijst van staatssponsors van het internationale terrorisme die jaarlijks door het ministerie van buitenlandse zaken wordt uitgegeven.De positieve maar minimale maatregelen, aangekondigd op 13 april aan de vooravond van de Top van Amerikaanse landen,als antwoord op de roep van het gehele continent tegen de blokkade, die de reisbeperkingen en het verbod op geldzendingen door Cubanen in de VS zouden opheffen en voor VS telecommunicatiebedrijven beperkte handel naar Cuba zou toestaan, zijn nog steeds niet in werking. Het is belangrijk dat dit bekend wordt, er is nogal wat verwarring en manipulatie hierover in de internationale media.Het is waar dat de agressie en de anti-Cubaanse retoriek van de VS regering is afgenomen en er worden gesprekken over onderlinge migratie sinds 14 juli gevoerd, na een opschorting van 6 jaar door de regering Bush. Die gesprekken zijn serieus en constructief. Cuba herhaalt daarin dat het doorgaat met serieuze handhaving van die verdragen en wijst het stimuleren af van illegale migratie en van mensensmokkel, dat bevorderd werd door de ‘Cuban Adjustment Act’ en de dubbelzinnige politiek van de VS regering.Enkele weken geleden verklaarde de Minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton: ‘Wij openen een dialoog met Cuba, maar zijn volstrekt duidelijk in onze wens dat het Cuba regime fundamenteel verandert’. Met alle respect voel ik mij verplicht te antwoorden aan Mw. Clinton en aan mensen in de Europese Unie die eenzijdige gebaren van ons eisen in de richting van het ontmantelen van onze politiek en onze sociale voorzieningen: ‘Men heeft mij niet gekozen om het kapitalisme te herstellen in Cuba en de revolutie op te geven. Ik werd gekozen om deze te verdedigen, te behouden en het socialisme zuiverder te maken en niet te vernietigen.Dit moet volstrekt duidelijk zijn, het geeft de vaste wil van het Cubaanse volk weer na hun goedkeuring in een referendum in 1976 door directe en geheime stemming van 97.7 procent van de stemgerechtigden. De grondwet van de republiek zegt in het eerste artikel: ‘Cuba is een socialistische staat van werkers, onafhankelijk en soeverein, georganiseerd met allen en voor allen als een eenheid en een democratische republiek, voor de weldaad van politieke vrijheid, sociale gerechtigheid, collectief welzijn en humane solidariteit.’En meer recent in 2002 tekenden 8,2 miljoen burgers het verzoek aan het parlement om een aanvulling van de grondwet van de republiek waarin deze geratificeerd werd in haar totaliteit en waarin het socialistisch karakter van ons maatschappelijk systeem niet herroepen kan worden. Dit werd in juni van dat jaar unaniem door de afgevaardigden in een buitengewone zitting van het parlement aangenomen Bij deze gelegenheid herhaal ik Cuba’s bereidwilligheid om een respectvolle dialoog te starten met de VS als gelijken, zonder de geringste schaduw over onze onafhankelijkheid, soevereiniteit of zelfbeschikking. Wij zijn er klaar voor om over alles te praten, maar over het politieke en sociale systeem hier in Cuba en daar in de VS wordt er niet onderhandeld. Wij verzoeken de VS dat niet te willen; we moeten wederzijds onze verschillen respecteren. Wij erkennen geen jurisdictie over onze soevereine zaken door de regering van dat land en van elk ander of van elke groep landen. ( . . . . . )Ik heb nog een ander essentieel onderwerp, dat gisteren al gepubliceerd is. Het 7de plenum van het Centraal Comité besloot het 7de Partijcongres uit te stellen. De taak die voor ons ligt in de Partij en in onze gemeenschap is veelomvattend: het vaststellen van de aard van onze socialistische maatschappij die wij wensen en kunnen bouwen met de grootst mogelijke participatie in Cuba’s huidige en toekomstige situatie, het economische model dat het leven van onze natie zal leiden voor het welzijn van onze medeburgers en die de onherroepelijkheid van ons sociopolitiek beleid garandeert. Je begrijpt de omvang van deze studie die de voornaamste elementen van ons nationaal bestaan omvat temidden van de dringende vragen en spanningen die verbonden zijn met de economische situatie. Dat houdt onder andere in het complexe proces van het afschaffen van de dubbele munteenheid, het elimineren van financiële bonussen – behalve die in de grondwet toegekend zijn – en het stoppen met niet gerechtvaardigde subsidies, het systeem van loonbetaling volgens socialistische principes.Het is nodig dit eerst door de hele partij in discussie te brengen, daarna dit voor te leggen aan de hele bevolking en als dat hele proces is afgerond kan pas het congres doorgaan. Het is in dat congres dat er beslist wordt waarbij alle problemen doorgesproken zijn binnen de partij en met heel het volk. Als we dus een ècht congres willen hebben in de huidige situatie dat oplossingen voor onze problemen geeft en naar de toekomst kijkt, moet het op die manier: de beslissing moet aan het volk zijn met haar partij als voorhoede.In de 50 jaren van onze revolutie hebben wij voldoende ervaring met consultatie van de bevolking. Het proces dat volgde op de speech van juli 2007 in Camagüey was het meest recente voorbeeld op nationaal vlak. In september en oktober werd het overal besproken in de wijken en dat werd niet beperkt tot de thema’s van de speech, de bevolking werd opgeroepen kritisch te praten over alles dat voor hen van belang is. In november was de informatie verzameld die nuttig was voor de uitvoering van het nationaal bestuur en in een samenvatting gebundeld; deze werd in december in de partij behandeld.De studiebijeenkomsten inde wijken werden bijgewoond door ruim 5,1 miljoen mensen en leverden 3,3 miljoen opmerkingen en 1,3 miljoen concrete voorstellen waarvan bijna de helft kritische. De resultaten van dit proces verdwenen niet in een bodemloze put.( . . . . ) Vanaf die 1ste januari 1959 is er altijd een onafgebroken lijn geweest om elk belangrijk probleem, hoe moeilijk ook, te bespreken met het volk. Als wij gedurende een halve eeuw moeilijkheden en agressie overleefd hebben, is dat omdat de revolutie het werk is van de overgrote meerderheid van de Cubaanse bevolking. Hecht verenigd zullen wij in harmonie zijn met de erfenis van onze lange geschiedenis van strijd, met het onderricht van Fidel en met een blijvende betrokkenheid met onze gesneuvelden. |
|
Laatst bijgewerkt op ( Friday 19 February 2010 )
|